Beloofd

Wat doen mensen als ze verdriet hebben? Dat verschilt. Je hebt er die er tegen vechten. Je hebt er die het accepteren. Sommigen trekken zich terug. Anderen gaan de straat op en beginnen te rennen. Ik schrijf. Geen idee waarom. Ik weet zo gauw niets beters.
Vorig jaar had ik verdriet. Dat duurde lang. Veel te lang. Het voelde banaal. Het ging tegen alle etiketten in. Zo hoort een mens zich niet te voelen, sprak ik mijzelf toe. Doe er iets aan. Vecht toch. Ik roep wel vaker van dat soort onzin. Mosterd na de maaltijd noemen ze dat. Pas als ik op achterstand sta kom ik in beweging. Om moedeloos van te worden.
Ik begon te schrijven. Dat leek me het beste. Schrijven geeft inzicht. Schrijven verlicht. Dat klopte. Tot op zekere hoogte. Met de zeurende pijn als motor begon ik de dagen vast te leggen. Een jaar lang. Ik schreef het leven op en vond het opnieuw uit. Ik stelde doelen die ik niet haalde. Maar het belangrijkste lukte me dan toch. Ik ging langzaam maar zeker vooruit. Al het gif stelde ik op schrift. Elke worsteling gaf ik woorden. Tot ik voelde dat ik lucht kreeg. Toen kwam het moment dat ik het verdriet met rust kon laten. Eindelijk.
Nu ben ik terug bij af. Een jaar heb ik geschreven en de cirkel is rond. Goed ik heb er iets langer over gedaan. Maar het is zover. 365 dagen zijn vastgelegd. Ben ik iets wijzer geworden? Om die vraag te beantwoorden leg ik de dagen achter elkaar en lees ze terug. De waarheid ken ik al. Wijsheid heb ik niet in pacht. Alle fouten die ik maakte, maak ik opnieuw. Ik ben onverbeterlijk.
Het verdriet is teruggekeerd. Onverwacht en in een andere gedaante. Het is minder zeurend. Dat wel. Maar verder is alles bij het oude. Ik schrijf en tracht me te verhouden tot de dagen. Ik herschrijf het leven tot ik van een afstand kan kijken wat alles betekent. De dagen zijn mijn panorama. In perspectief leef ik. Tot de cirkel rond is.
Misschien heb ik het voorspeld. De terugkeer van het rouwen. Het zou kunnen. Ik speelde met vuur. Op weg naar het einde sta ik weer aan het begin. Dat had ik kunnen weten. Het leven herhaalt zich. Ik herhaal me. Dat heb ik een jaar lang gedaan. Tot ik er gek van werd. Verdriet in al zijn variaties. Het gaat een mens niet in de koude kleren zitten.
En nu. Ik hoor haar stem. Wat ga je nu doen? Ik zeg: ik weet het niet. Maar dit verhaal is ten einde. Ik sluit het jaar af. Dat is noodzakelijk. Begrijp je? Ze antwoordt niet. Kijk, zeg ik, het verdriet is nog niet vertrokken. Het houdt me in zijn greep. Tegen stribbelen heeft geen zin. Of ik nu ren of vecht, de houdgreep is te stevig om los te komen. Daarom moet ik wachten. Zonder woorden. Tot ik verder kan. Ze knikt. Ik kijk haar aan. Ze staat te ver om haar in haar ogen te kijken. Jammer. Je gaat zwijgen, zegt ze. Aan haar stem te horen gelooft ze me niet. Als het lukt, zeg ik. Ze lacht. Succes dan maar. Ik verstar en denk bij mijzelf: ze heeft gelijk. Alsof ik de woordenstroom tot stilstand zou kunnen brengen. Die taal van mij leidt een eigen leven. En toch. Het moet een keer ophouden.
Denk niet dat ik je vergeten ben, zeg ik. Ze kijkt ernstig. Ik jou ook niet. Het was bijzonder. Ons in taal gegoten samenzijn. Is het zo gegaan, vraag ik. Wat bedoel je? Of het echt gebeurd is? Ik knik. Ik denk het, zegt ze. Je hebt het opgeschreven. Dan zal het toch gebeurd zijn.
Misschien. Ik weet het zelf ook niet meer. De dagen waren van vloeipapier. Erdoorheen zag ik de vorm van de dag. Ik goot de dagen in fictie tot ik er zelf in ging geloven. Hele reizen maakte ik en nam ze voor waar aan. Maar bestaat ze nog? De vrouw die ik lief heb? Is haar gedaante opgelost of kan ik haar nog zien. Daar staat ze. In de verte. In mijn laatste woorden loop ik op haar af. Mag ik je omhelzen, vraag ik. Ze lacht. Dat hoef je niet te vragen. Dat moet je gewoon doen. Het spijt me, zeg ik. Ik ben afwachtend. Dat is nergens voor nodig, zegt ze zacht. Het is er nog. Voel je dat dan niet. Ik knik. Ik voel het. Gelukkig. Dan omhels ik haar. Ik voel de warmte en zoek naar woorden om die te beschrijven. De taal laat me in de steek. Nog enkele zinnen. Een woord. Dan zwijg ik. Beloofd.

Geef een reactie

Opgeslagen onder Rustdag

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s