Vadertje staat

Gebrek aan inzicht. Het is een teken des tijds. Waar politiek bedrijven ooit lange termijn denken was, daar worden er nu vooral sprintjes getrokken. Soundbytes zijn aan de orde van de dag. En de PVV is er heer en meester in. Kijk maar naar de aanslag die momenteel op de kunsten wordt voorbereid en die zoals bekend vooral uit de koker van Wilders komt. Hij heeft het kunstbestel gestigmatiseerd als linkse hobby en handelt daarnaar. Wat links is dient zichzelf te bedruipen. Aan hobby’s doen ze niet in de politiek.
Toch loont het de moeite eens te kijken naar de gevolgen van dergelijk beleid. Of kent de overheid de gevaren soms niet van het korte termijn denken? We weten allemaal hoe het gegaan is met het privatiseren van de Nationale Spoorwegen. Sinds dit staatsbedrijf op eigen benen staat kunnen we van een ding zeker zijn: vertragingen. Hetzelfde is het met het postbedrijf waar de postbodes inmiddels zo ongeveer gratis moeten werken. Nu zijn de kunsten aan de beurt en debiteert de overheid dat de markt zelf maar uit moet maken wat van waarde is en wat niet. Kort gezegd: trek eerst maar eens publiek, dan zullen we wel zien of we er aan bijdragen.
Maar daarmee gaat de overheid voorbij aan een kerntaak van haar beleid. Het opvoeden. Het is een taboe geworden in deze individualistische maatschappij. Politici zijn tegenwoordig vooral crisismanagers die zo soepel mogelijk op de waan van de dag moeten reageren. Het adagium is dat iedereen het lekker zelf uit moet zoeken. Terwijl juist de politiek de waan zou moeten laten voor wat het is en vooruit zou moeten kijken. Opvoeding begint bij de politici. Zij moeten het klimaat scheppen waarbinnen nieuwe generaties leren wat de waarde van democratie is. De kunsten kunnen hierin een voortrekkers rol vervullen.
Dit zegt ook de Raad voor Cultuur dat vandaag met zijn adviezen kwam om het kunstbestel te herzien. De raad stelt dat naast de marktwerking als legitimering voor overheidssteun ook de kwaliteit van de democratie zou moeten tellen. Het huidige tijdsgewricht vraagt om een kunstsector die de ruimte krijgt om vragen te stellen. Wie de marktwerking voorop stelt eist antwoorden, geen vragen. De overheid zou echter verder moeten kijken dan haar neus lang is. Dan zou zij zien dat de investering in de kunsten een investering in de democratie is. In een tijd waarin de culturele identiteit voortdurend ter discussie staat moet er ruimte zijn voor een kritische blik. Of zoals de raad het zegt:

“Natuurlijk mag er geld worden verdiend aan kunst en cultuur. Maar de bewering dat alleen die kunst en cultuur relevant, zinvol is die geld opbrengt ontkent de fundamentele waarde ervan.”

En daarmee zijn we terug bij de waan van de dag. In een maatschappij waarbij velen zich verliezen in succesdenken, zou de overheid haar nek uit moeten steken. De kunsten zijn een plek voor innovatie, waar kritische geesten ons scherp houden. Ter lering ende vermaak. Maar met de huidige bezuinigingen blijft slechts het vermaak over. En dat is een treurige conclusie. Door de kunsten aan de markt over te leveren ontkent de overheid de waarde van dit kunstbestel en bevestigt zij tegelijk haar eigen status. De ironie van dit alles is dat de bezuinigingen op deze manier een kunstbestel opleveren waarin net als bij de overheid zelf de leegte regeert. Daarmee komen de woorden die Shakespeare ooit schreef op een wrange manier uit. To hold a mirror up to nature. Waar is vadertje staat wanneer je hem nodig hebt?

Geef een reactie

Opgeslagen onder De Politicus

Geef een reactie

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log Out / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log Out / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log Out / Bijwerken )

Verbinden met %s